Heeft u nog iets aan te geven? Brandewijn wellicht,
tabak? En, geen kwaad in de zin? Het klinkt ietwat bars
uit de mond van de poortwachter, gestoken in 16de eeuws kostuum,
compleet met helm en piek. Hij ontvouwt vervolgens een perkamenten
rol waarop in sierlijke letters het reglement staat geschreven
waaraan iedere vreemdeling en uitheemse zich heeft
te houden tijdens zijn of haar verblijf in de keizerlijke
Hanzestad Zwolle. Niet dat men niet gastvrij zou zijn in de
provinciehoofdstad. Integendeel zelfs, zo legt
Hanzekoopman Harry Vrielink uit. Maar zo ging dat nu
eenmaal toen Zwolle nog een echte Hanzestad was. Gespuis moest
je door kordaat en alert optreden buiten de stadsmuren houden.
Een ieder die echter met goede bedoelingen Zwolle anno 2007
wil bezichtigen is meer dan welkom!
Bovenstaand tafereel doet zich met regelmaat voor tijdens
de zogeheten Theaterwandelingen, te boeken via de VVV. In
Hanzepas gaat het daarbij door Zwolles Gouden Eeuw,
de 15de eeuw om precies te zijn. De stad ontwikkelt zich in
die periode razendsnel en kent een bloeiperiode op vooral
kerkelijk en cultureel gebied . Met name in de bouw- en schilderkunst
verwerft Zwolle faam. Het is ook de tijd waarin de stad zich
profileert als één van de belangrijkste vrije
keizerlijke Hanzesteden.
De rijkdom neemt in die tijd enorm toe dankzij de vele handelsactiviteiten.
Zo is de stad bijvoorbeeld een overslagplaats voor Bentheimer
zandsteen, graan, linnen en vis. De kooplieden laten het geld
rollen en bouwen monumentale woningen om hun weelde te tonen.
Belangrijke bouwmeesters vestigen zich als Arent van Calcar
en Berend Coblenz. De faam en bedrijvigheid van de stad trekt
ook kunstenaars aan als de schilder Gerard ter Borch en de
dichters Rhijnvis Feith en Everhard J.Potgieter. De Moderne
Devoot Thomas Kempis en bekende politici als Thorbecke
en Joan Derk van der Capellen tot den Poll hebben eveneens
hun naam voor eeuwig aan de Hanzestad verbonden.
De handelsactiviteiten hebben hun sporen ruim nagelaten in
het Zwolse waar ook delen van het vestingverleden nog op vele
plaatsen intact zijn. We noemen slechts het bastion De Suikerberg,
de stervormige stadsgracht en delen van de laatmiddeleeuwse
stadsmuur. In deze opsomming mag ook zeker niet de imposante
Sassenpoort uit 1409 ontbreken.
We vragen de Hanzekoopman ons verder mee te nemen door Zwolles
Gouden Eeuw, een verzoek waar hij met enthousiasme aan voldoet.
We komen op bijzondere maar ook vreemde plaatsen, zoals de
Korte Ademhalingssteeg. De naam verwijst naar de terechtstelling
van misdadigers in vroeger eeuwen. Hier haalden zij hun laatste
ademteugen, op weg naar het schavot. Deze terechtstellingen
vonden plaats bij voorkeur op marktdagen, als er veel volk
op de been was. Op de plek voor de hoofdwaag waar dit
vermaak plaats vond kan men nu in de schaduw van
de Sint Michaelskerk de grote warenmarkten op vrijdag en zaterdag
bezoeken of genieten van het vertier op één
van de vele terrasjes.
Over terrasjes
gesproken. In de Middeleeuwen lustte men er ook wel eentje.
Toen stond er op elke hoek wel een brouwerij. Schoon drinkwater
was er niet, melk was alleen geschikt voor kinderen en ouden
van dagen, dus dronk je bier. Voor grote feesten werd er Hanzebier
per vat aangevoerd, onder andere uit Hamburg en Bremen.
Opvallend in Zwolle is de strakke, naadloze overgang tussen
oud en nieuw. De glazen pui van het Stedelijk Museum detoneert
geenszins met de gevel van het voormalige stadhouderlijk paleis
aan de Melkmarkt waar eens de Overijsselse en Friese stadhouders
hun intrek namen.
Heden en verleden gaan al eeuwen prima samen in bruisend Zwolle
met zijn gevarieerd cultureel aanbod, zn talrijke monumenten,
de passantenhaven in de binnenstad, zn vele evenementen,
zn vele winkels en restaurants. Een ontmoeting met Zwolle
is een aanrader en onthoudt: Vreemdelingen en uitheemsen
zijn immer welkom, aldus de Hanzekoopman.